EMVI-aanbesteding: betekenis, criteria, score en prestatiemeting

Duurzaamheid, normen en innovatie31 juli 202616 min leestijdPortretfoto van Sjors BeemsterboerGeschreven door Sjors Beemsterboer
Overleg over een EMVI-aanbesteding aan een vergadertafel met bouwtekeningen, aanbestedingsdocumenten en een bouwhelm

EMVI, in de gangbare variant formeel BPKV, betekent gunnen op prijs én kwaliteit. Zo werken de criteria, de fictieve korting en de EMVI-score, zo toetst prestatiemeting uw toezeggingen na gunning en zo scoort u met duurzaamheid.

EMVI betekent Economisch Meest Voordelige Inschrijving: de aanbestedende dienst gunt op de beste verhouding tussen prijs en kwaliteit, niet alleen op de laagste prijs. Sinds de herziening van de Aanbestedingswet in 2016 heet gunnen op prijs én kwaliteit formeel BPKV (beste prijs-kwaliteitverhouding). Bij de in de GWW gangbare methode worden kwaliteitscriteria zoals duurzaamheid, planning en risicobeheersing gescoord en als fictieve korting van de inschrijfprijs afgetrokken; de laagste evaluatieprijs wint.

EMVI betekenis: wat is EMVI precies?

EMVI is de afkorting van Economisch Meest Voordelige Inschrijving. Het is de gunningssystematiek waarbij een aanbestedende dienst (Rijkswaterstaat, een provincie, waterschap of gemeente) niet simpelweg de goedkoopste inschrijver kiest, maar de inschrijving met de beste verhouding tussen prijs en kwaliteit. Kwaliteitscriteria zoals duurzaamheid, levensduur, hinderbeperking en risicobeheersing krijgen een vooraf bekendgemaakte weging en tellen mee in de gunningsbeslissing. Daarin zit het wezenlijke verschil met gunnen op laagste prijs: de goedkoopste inschrijver wint niet automatisch, want een sterker kwaliteitsplan kan een hogere prijs compenseren.

De systematiek is het antwoord op een oud probleem in de bouw: wie alleen op laagste prijs gunt, beloont scherp calculeren en krijgt de kwaliteit die daarbij hoort. Na de bouwfraude-affaire van begin jaren 2000 gingen publieke opdrachtgevers in de GWW vaker op kwaliteit gunnen. De Aanbestedingswet 2012 maakte EMVI vervolgens het wettelijke uitgangspunt (artikel 2.114): gunnen op laagste prijs mag alleen nog gemotiveerd ("pas toe of leg uit"). Voor de GWW-sector betekent dit dat de meeste substantiële werken tegenwoordig op prijs én kwaliteit worden beoordeeld. Dit artikel is het startpunt van ons aanbestedingscluster binnen de pillar Duurzaamheid, Normen en Innovatie.

EMVI of BPKV: de drie gunningscriteria sinds 2016

Bij de herziening van de Aanbestedingswet per 1 juli 2016 (implementatie van de Europese aanbestedingsrichtlijn) is de terminologie verschoven. EMVI is sindsdien de overkoepelende term voor drie gunningscriteria:

• Beste prijs-kwaliteitverhouding (BPKV): prijs en kwaliteit worden samen beoordeeld. In de GWW is dit de standaard.

• Laagste kosten op basis van kosteneffectiviteit: bijvoorbeeld de levenscycluskosten, waarin naast de aanschafprijs ook onderhoud en beheer meetellen. De aanbestedende dienst moet deze keuze motiveren.

• Laagste prijs: alleen toegestaan met een motivering in de aanbestedingsstukken.

Wat is BPKV? BPKV staat voor beste prijs-kwaliteitverhouding: het gunningscriterium waarbij de aanbestedende dienst naast de prijs ook de kwaliteit van de inschrijving waardeert. Wat vóór 2016 "EMVI" heette, heet formeel dus BPKV.

In de dagelijkse GWW-praktijk worden EMVI en BPKV door elkaar gebruikt voor hetzelfde principe: kwaliteit meewegen naast de prijs, vaak via een fictieve korting op de inschrijfsom. Ook BPKV-criteria en EMVI-criteria zijn in de praktijk dezelfde kwaliteitscriteria. In bestekken, tenderportals en gesprekken met opdrachtgevers komt u beide termen tegen; inhoudelijk is er geen verschil. In dit artikel hanteren we de ingeburgerde term EMVI.

Zo werkt een EMVI-aanbesteding in vijf stappen

Een EMVI-aanbesteding verloopt in grote lijnen in vijf stappen:

• Stap 1: de opdrachtgever publiceert de uitvraag met de gunningscriteria, hun weging en het beoordelingskader.

• Stap 2: inschrijvers leveren hun prijs en een kwaliteitsdocument, het EMVI-plan, soms aangevuld met een interview of presentatie. Hoe u zo'n plan opbouwt, leest u bij EMVI-plan schrijven.

• Stap 3: een beoordelingscommissie waardeert het plan per criterium volgens het gepubliceerde kader.

• Stap 4: de scores worden omgerekend naar een fictieve korting en daarmee naar een evaluatieprijs.

• Stap 5: de opdracht wordt gegund aan de inschrijver met de laagste evaluatieprijs. Zijn toezeggingen worden contractstuk en worden tijdens de uitvoering getoetst via EMVI-prestatiemeting (zie verderop in dit artikel).

De omrekening in stap 4 is de kern van de systematiek: de kwaliteitswaarde wordt als fictieve korting van de inschrijfprijs afgetrokken. Gegund wordt op de laagste evaluatieprijs (inschrijfprijs minus fictieve korting), terwijl de winnaar gewoon zijn werkelijke inschrijfprijs factureert. Kwaliteit wordt zo letterlijk geld waard, zonder dat de opdrachtgever meer betaalt dan de aangeboden prijs. Deze methodiek staat in de GWW ook bekend als "gunnen op waarde".

Fictieve korting of punten: twee manieren om EMVI te berekenen

Niet elke opdrachtgever rekent op dezelfde manier. In uitvragen komt u twee methoden tegen om prijs en kwaliteit met elkaar te verrekenen:

• Gunnen op waarde (fictieve korting): kwaliteit wordt in euro's uitgedrukt en van de prijs afgetrokken. Deze methode is gangbaar in de GWW, onder meer bij Rijkswaterstaat en provincies.

• Gewogen puntentelling: prijs en kwaliteit krijgen elk punten volgens een vooraf gepubliceerde formule en weging, bijvoorbeeld 40% prijs en 60% kwaliteit. De inschrijving met de hoogste totaalscore wint.

De verdeling tussen prijs en kwaliteit verschilt per opdracht en hoort in verhouding te staan tot de omvang en complexiteit van het werk. Indicatief komen in uitvragen verdelingen voor van 60/40 tot 30/70 (prijs/kwaliteit). Let bij een puntentelling op één valkuil: de prijsscore is vaak relatief, dus afhankelijk van de prijzen van de andere inschrijvers. Uw eigen score staat dan pas vast als alle inschrijvingen geopend zijn. Lees daarom altijd eerst de rekenmethode in de uitvraag, voordat u bepaalt hoeveel u in kwaliteit investeert.

Rekenvoorbeeld: fictieve korting en evaluatieprijs

Een fictief maar representatief voorbeeld van een EMVI-gunning met twee inschrijvers op een provinciaal asfaltcontract:

Rekenvoorbeeld EMVI-gunning (fictief)
OnderdeelInschrijver AInschrijver B
Inschrijfprijs€ 1.000.000€ 950.000
KwaliteitLage MKI, laddertrede 5, sterk omgevingsplanGemiddelde kwaliteitsscore
Fictieve korting€ 120.000€ 40.000
Evaluatieprijs€ 880.000€ 910.000
UitkomstGegundNiet gegund

Inschrijver A wint, ondanks een € 50.000 hogere inschrijfprijs: het kwaliteitsverschil van € 80.000 geeft de doorslag. De EMVI-score is dus geen rapportcijfer dat op zichzelf staat, maar een bedrag dat rechtstreeks concurreert met de prijs. Hoe hoger de maximale kwaliteitswaarde in de uitvraag, hoe groter het prijsverschil dat een goed plan kan overbruggen.

EMVI-score: zo beoordeelt de commissie uw plan

De EMVI-score per criterium is een oordeel van de beoordelingscommissie dat wordt vertaald naar een percentage van de maximale kwaliteitswaarde van dat criterium. Rijkswaterstaat werkt sinds 2023 met een progressieve schaal van 0 tot en met 3, ter vervanging van de oude schaal van 2 tot 10. De percentages hieronder komen van de pagina Beste Prijs Kwaliteit Verhouding van Rijkswaterstaat; de uitwerking staat in de handleiding BPKV.

Beoordelingsschaal BPKV van Rijkswaterstaat (sinds 2023)
ScoreOordeelKwaliteitswaarde
3Zeer goed (veel meerwaarde)100%
2Goed (ruim voldoende tot behoorlijke meerwaarde)60%
1Redelijk (voldoende meerwaarde)25%
0Neutraal (niet of nauwelijks meerwaarde)0%
NRNadelig en/of risicovol-50%

Een rekensom: bij een criterium met een maximale kwaliteitswaarde van € 200.000 levert score 2 een fictieve korting van € 120.000 op (60%). Een NR-oordeel (-50%) werkt andersom en betekent € 100.000 opslag op de evaluatieprijs. Op deze schaal kost een nadelig of risicovol plan u dus meer dan een plan zonder meerwaarde.

Andere opdrachtgevers, zoals provincies en gemeenten, gebruiken vaak rapportcijfers met eigen percentages per cijfer. Het beoordelingskader in de uitvraag is daarom altijd leidend. Objectieve criteria, zoals een MKI-berekening of een laddercertificaat, worden doorgaans rechtstreeks doorgerekend zonder oordeel van de commissie.

EMVI-criteria: de meest gebruikte gunningscriteria

EMVI-criteria (ook BPKV-criteria, kwaliteitscriteria of subgunningscriteria genoemd) zijn de kwaliteitsaspecten waarop een inschrijving naast de prijs wordt beoordeeld. De weging en het beoordelingskader maakt de opdrachtgever vooraf bekend. Welke criteria in een uitvraag staan, verschilt per opdracht, maar in de GWW komt u deze het vaakst tegen:

• Plan van aanpak en kwaliteit van de uitvoering: hoe u het werk organiseert en welke kwaliteit u daarbij waarborgt.

• Risicobeheersing: een projectspecifiek risicodossier met beheersmaatregelen voor de risico's van juist dit werk.

• Planning en fasering: fasering is de opdeling en volgorde waarin het werk wordt uitgevoerd, bijvoorbeeld per rijstrook of wegvak, zodat de hinder beperkt blijft. Een kortere bouwtijd of een slimmere volgorde levert hier punten op.

• Omgevingsmanagement en hinderbeperking: kortere afsluitingen, bereikbaarheid tijdens het werk en communicatie met omwonenden en bedrijven.

• Duurzaamheid: MKI, CO₂-Prestatieladder, levensduur en circulariteit (zie hieronder).

• Social return (SROI): de inzet van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt binnen de opdracht.

• Samenwerking en organisatie: hoe u samenwerkt met de opdrachtgever, onderaannemers en leveranciers.

• Innovatie: nieuwe technieken of materialen die aantoonbaar meerwaarde leveren voor het project.

Criteria moeten verband houden met het voorwerp van de opdracht en toetsbaar zijn. Voorbeeldformuleringen voor een asfaltcontract vindt u in het artikel over duurzame wegen aanbesteden door provincies.

EMVI-criteria voor duurzaamheid

Binnen de duurzaamheidscriteria heeft zich in infra-uitvragen een vaste kern uitgekristalliseerd:

• MKI-score met plafondwaarde: de inschrijver berekent de milieukostenindicator van zijn ontwerp in DuboCalc; hoe verder onder de referentiewaarde, hoe groter de fictieve korting. Hoe die berekening werkt, leest u in MKI en DuboCalc uitgelegd.

• CO₂-Prestatieladder-trede: een kortingspercentage per certificeringsniveau, van circa 1% op de onderste treden tot maximaal zo'n 10% op trede 5 bij grote infra-opdrachtgevers. Het percentage verschilt per opdrachtgever. Zie de CO₂-Prestatieladder en vezelversterking.

• Levensduur en onderhoudsarmoede: een langere garantie- of ontwerplevensduur en minder onderhoudsmomenten over de contractperiode.

• Circulariteit: het aandeel hergebruikt materiaal (asfaltgranulaat, betongranulaat) en de recyclebaarheid aan het einde van de levensduur. Meer hierover in circulair bouwen met vezelversterkt beton en asfalt.

Bij de duurzaamheidscriteria geldt één rode draad: de opdrachtgever wil geen ambities maar verifieerbare getallen. Precies daarom lonen materiaalkeuzes die met EPD's, certificaten en onafhankelijk onderzoek onderbouwd zijn. Welke documenten daarbij tellen, leest u in EPD's en certificaten als bewijs.

Zo scoort u als aannemer met vezelversterking

Voor inschrijvende aannemers is vezelversterking van beton en asfalt een van de weinige maatregelen die op meerdere EMVI-criteria tegelijk punten oplevert, met cijfers die een beoordelingscommissie kan controleren.

In beton vervangt een constructieve macrovezel (een deel van) de traditionele staalwapening. Op de NDSM-werf in Amsterdam leverde die omslag 98% CO₂-reductie op het wapeningsdeel op. De reductie voor uw eigen werk is een claim die u met een projectspecifieke, NMD-conforme berekening hard kunt maken in DuboCalc. Het verschil zit in de hoeveelheid: een vezel als TwistR® doseert u in kilogrammen per m³ (2,0 tot 6,0 kg/m³), staalwapening in tientallen kilogrammen. TwistR® heeft CE-markering en een EPD volgens EN 15804+A2, zodat de milieucijfers in uw berekening herleidbaar zijn. Let wel: bij constructief werk hoort altijd een berekening door de constructeur; vezels vervangen wapening niet in elke toepassing volledig.

In asfalt scoort een aramidevezel als onderscheidend EMVI-criterium op drie punten tegelijk: MKI, productietemperatuur en levensduur. AsphaltX® is een vezelmengsel van aramide (Twaron®) en polyolefine. De dosering is bescheiden, circa 500 gram per ton asfalt (0,05%), maar het effect is gedocumenteerd. Op het FIBRA-proefvak op de A73, onderdeel van het Europese FIBRA-programma, bleek de aramidevariant (Twaron 1080) met standaard penetratiebitumen op cradle-to-gate-niveau een ruim 10% lagere MKI te hebben dan het PMB-referentiemengsel, mede door de circa 15-20 °C lagere productietemperatuur. Over de volledige levenscyclus, de scope van een DuboCalc-berekening, liep het verschil terug tot minder dan 4%. Op de provinciale N337 leverde vezelversterking 50% minder spoorvorming ten opzichte van het referentievak en circa 30% langere verwachte levensduur op: directe winst op het levensduurcriterium. AsphaltX® staat bovendien op de OPWA-lijst (BRL 9320 / NL BSB), wat de milieuhygiënische onderbouwing in een uitvraag vereenvoudigt.

Hoe u die cijfers vertaalt naar een winnend kwaliteitsdocument, inclusief een voorbeeldfragment voor uw EMVI-plan, leest u in EMVI-plan schrijven met vezelversterking. De kern: schrijf projectspecifieke, verifieerbare toezeggingen in plaats van sectorgemiddelden, en beloof niets dat u in de uitvoering niet waarmaakt. Op niet-nagekomen EMVI-beloften staat doorgaans een sanctie, zoals hieronder bij EMVI-prestatiemeting uitgelegd.

Voor opdrachtgevers: EMVI-criteria formuleren

Aan de andere kant van de tafel bepaalt de kwaliteit van de criteria de kwaliteit van de inschrijvingen. Drie uitgangspunten hebben zich in de GWW bewezen:

• Specificeer functioneel: vraag prestaties (levensduur, MKI-plafond, spoorvormingsweerstand), geen merknamen of receptuur. Zo houdt u de uitvraag open voor innovatie en voorkomt u dat één leverancier de facto wordt voorgeschreven.

• Maak criteria meetbaar: een criterium waarop de beoordelingscommissie niet objectief kan toetsen, levert discussie en rechtszaakrisico op. Koppel elk criterium aan een rekenmethode (DuboCalc), certificaat (laddertrede) of meetbare prestatie-eis.

• Kondig verificatie vooraf aan: maak in de uitvraag transparant hoe claims na gunning worden gecontroleerd en welke sanctie op afwijking staat.

Houd daarbij de proportionaliteit in het oog: de weging en het aantal criteria horen te passen bij de omvang en complexiteit van de opdracht. Hoe provincies dit concreet invullen, inclusief een voorbeeldopzet van gunningscriteria voor een asfaltcontract, leest u in zo besteden provincies duurzame wegen aan. Een praktische checklist met voorbeeldbestektekst en een uitgewerkt EMVI-gunningscriterium staat in vezelversterkt asfalt aanbesteden: waarop letten.

EMVI-prestatiemeting: zo worden uw toezeggingen na gunning gemeten

EMVI-prestatiemeting is de controle tijdens en na de uitvoering of een opdrachtnemer de kwaliteit levert die hij in zijn EMVI-plan heeft toegezegd. De toezeggingen worden onderdeel van het contract, de opdrachtgever toetst ze op vooraf vastgelegde meetmomenten en bij een tekortkoming volgt een vooraf bepaalde sanctie, meestal een korting of boete.

Een EMVI-toezegging is pas iets waard als ze wordt nagekomen. Zo werkt EMVI-prestatiemeting in de praktijk:

• Toezeggingen worden contractstuk: bijvoorbeeld een MKI-waarde, een laddertrede, een maximale afsluitduur of een productietemperatuur.

• Meetplan: per toezegging staat vast hoe, wanneer en met welk bewijs wordt getoetst. Denk aan een DuboCalc-herberekening op de geleverde mengsels, leverbonnen en EPD's, temperatuurregistratie, klachtenregistratie of conditiemetingen op het gerealiseerde werk.

• Toetsing op vaste momenten: tijdens de uitvoering en bij oplevering, in een verificatieoverleg of in een digitale omgeving die de opdrachtgever aanwijst. Hoe u toegang krijgt tot zo'n omgeving, staat in het contract of vraagt u na bij de opdrachtgever.

• Sanctie bij tekortkoming: een vooraf vastgelegde korting of boete, vaak gerelateerd aan het fictieve voordeel uit de inschrijving.

Voor inschrijvers volgen daaruit drie praktische tips:

• Zeg alleen toe wat meetbaar en haalbaar is. Een toezegging die u niet kunt aantonen, levert bij de inschrijving punten op en kost u die in de uitvoering weer.

• Verzamel bewijs vanaf dag 1. Leverbonnen, EPD's en temperatuurlogs achteraf reconstrueren kost meer tijd dan ze direct vastleggen.

• Wijs per toezegging één verantwoordelijke aan. Zo is er altijd iemand die de meetmomenten bewaakt en het bewijs aanlevert.

Prestatiemeting is voor inschrijvers geen bedreiging maar een filter: wie claims baseert op gedocumenteerde praktijkresultaten in plaats van papieren beloftes, heeft van prestatiemeting niets te vrezen.

EMVI-prestatiemeting of prestatiemeten: het verschil

Verwar EMVI-prestatiemeting niet met prestatiemeten, een instrument dat Rijkswaterstaat daarnaast gebruikt. Bij prestatiemeten beoordelen Rijkswaterstaat en de opdrachtnemer iedere drie maanden samen de samenwerking tijdens het project, met de nadruk op houding en gedrag in plaats van op contracteisen. Het wordt onder meer toegepast bij Design & Construct-, Engineering & Construct- en prestatiecontracten. Prestatiemeten meet dus de samenwerking, niet de nakoming van uw EMVI-toezeggingen. Kijk in het contract welke meting van toepassing is en welke gevolgen eraan verbonden zijn.

Van inschrijving naar gunningsvoordeel

EMVI beloont wie kwaliteit kan bewijzen. Voor aannemers betekent dat: bouw een dossier op van herbruikbare, geverifieerde claims (EPD's van toegepaste materialen, projectspecifieke CO₂- en MKI-berekeningen, gedocumenteerde praktijkresultaten) en zet dat dossier bij elke inschrijving opnieuw in. Na gunning dient hetzelfde dossier als bewijs bij de EMVI-prestatiemeting. Vezelversterking levert daarvoor concrete, gedocumenteerde getallen: 98% CO₂-reductie op het wapeningsdeel in beton op de NDSM-werf en een ruim 10% lagere MKI (cradle-to-gate) in asfalt op de A73.

Schrijft u binnenkort in op een EMVI-uitvraag? Vraag een offerte met EPD- en doseringsdocumentatie aan, dan heeft u de milieucijfers voor uw DuboCalc-berekening en kwaliteitsdocument er direct bij.

Veelgestelde vragen

Wat betekent EMVI?
EMVI staat voor Economisch Meest Voordelige Inschrijving: de aanbestedende dienst gunt op de beste prijs-kwaliteitverhouding, sinds 2016 formeel BPKV genoemd. Bij de in de GWW gangbare methode worden kwaliteitscriteria zoals duurzaamheid, planning en risicobeheersing gescoord en als fictieve korting van de inschrijfprijs afgetrokken, en wint de laagste evaluatieprijs. Anders dan bij gunnen op laagste prijs wint de goedkoopste inschrijver dus niet automatisch.
Wat is het verschil tussen EMVI en BPKV?
Sinds de herziening van de Aanbestedingswet in 2016 is EMVI de overkoepelende term voor drie gunningscriteria: beste prijs-kwaliteitverhouding (BPKV), laagste kosten op basis van kosteneffectiviteit en laagste prijs. BPKV is de formele naam voor wat vroeger EMVI heette: gunnen op prijs én kwaliteit. In de GWW-praktijk worden beide termen door elkaar gebruikt voor hetzelfde principe. Ook BPKV-criteria en EMVI-criteria duiden in de praktijk dezelfde kwaliteitscriteria aan.
Wat zijn EMVI-criteria?
EMVI-criteria zijn de kwaliteitsaspecten waarop een inschrijving naast de prijs wordt beoordeeld, met een weging en beoordelingskader die vooraf bekend zijn. Het meest gebruikt zijn plan van aanpak, risicobeheersing, planning en fasering, omgevingsmanagement, duurzaamheid (MKI, CO₂-Prestatieladder, circulariteit), social return en innovatie.
Hoe wordt een EMVI-score berekend?
Een beoordelingscommissie waardeert het kwaliteitsdocument per gunningscriterium volgens een vooraf gepubliceerd beoordelingskader. De score wordt een percentage van de maximale kwaliteitswaarde van dat criterium. Rijkswaterstaat hanteert sinds 2023: 3 = 100%, 2 = 60%, 1 = 25%, 0 = 0% en NR (nadelig of risicovol) = -50%. Andere opdrachtgevers gebruiken rapportcijfers met eigen percentages. Samen vormen de waarden de fictieve korting; gegund wordt op de evaluatieprijs (inschrijfprijs minus fictieve korting). Objectieve criteria zoals een MKI-berekening in DuboCalc worden rechtstreeks doorgerekend.
Wat staat er in een EMVI-plan?
Een EMVI-plan is het kwaliteitsdocument bij de inschrijving. Per gunningscriterium beschrijft de aannemer concreet en verifieerbaar wat hij toezegt, bijvoorbeeld een MKI-waarde, een CO₂-reductie op de wapening of een hinderbeperkende fasering, inclusief bewijsvoering en verificatiemomenten. Een voorbeeldfragment en schrijftips vindt u in ons artikel voor aannemers.
Wat is EMVI-prestatiemeting?
EMVI-prestatiemeting is de controle tijdens en na de uitvoering of de opdrachtnemer zijn EMVI-toezeggingen nakomt. De toezeggingen zijn contractstuk en worden op vaste meetmomenten getoetst met bewijs, bijvoorbeeld een MKI-herberekening op geleverde mengsels of temperatuurregistratie. Bij een tekortkoming volgt een vooraf in het contract vastgelegde korting of boete.
Wat gebeurt er als u een EMVI-toezegging niet nakomt?
Toezeggingen uit het EMVI-plan zijn contractuele verplichtingen. Blijkt bij de EMVI-prestatiemeting dat u een toezegging niet nakomt, dan volgt de sanctie die vooraf in het contract staat: meestal een korting of boete, vaak gerelateerd aan het fictieve voordeel uit de inschrijving. Beloof daarom alleen wat meetbaar en haalbaar is.
Is EMVI verplicht?
De Aanbestedingswet 2012 (artikel 2.114) maakt gunnen op de economisch meest voordelige inschrijving, op basis van de beste prijs-kwaliteitverhouding, het uitgangspunt. Kiest een aanbestedende dienst voor laagste prijs of laagste kosten, dan moet hij die keuze in de aanbestedingsstukken motiveren. In de GWW worden substantiële werken daardoor meestal op BPKV gegund, vaak met duurzaamheidscriteria zoals een MKI-plafond of een CO₂-laddertrede.
Wat is het verschil tussen EMVI en Best Value (BVP)?
Best Value Procurement is een aanbestedingsaanpak waarin de opdrachtnemer het voortouw neemt, zodat zijn expertise optimaal benut wordt, en waarin kwaliteit zwaarder weegt dan prijs. De aanpak kent vier fasen: voorbereiding, beoordeling, onderbouwing en uitvoering. EMVI/BPKV is het gunningscriterium: omdat ook bij BVP prijs én kwaliteit meewegen, gunt zo'n traject op de beste prijs-kwaliteitverhouding.
Hoe telt duurzaamheid mee in een EMVI-aanbesteding?
Via meetbare criteria: een MKI-plafond met DuboCalc-berekening, een kortingspercentage per trede op de CO₂-Prestatieladder (bij grote infra-opdrachtgevers tot maximaal zo'n 10% op trede 5), levensduur- en circulariteitseisen. Materiaalkeuzes met geverifieerde milieudata scoren direct: vezelwapening leverde op de NDSM-werf 98% CO₂-reductie op het wapeningsdeel op, en een aramidevezel in asfalt gaf op het FIBRA-proefvak op de A73 een ruim 10% lagere MKI op cradle-to-gate-niveau (over de volledige levenscyclus minder dan 4%).

Deel dit artikel

Genoemde producten

AsphaltX® — Asfaltvezels
AramideAsfalt

AsphaltX®

2000 filamenten per aramide-streng — 19 miljoen vezels per ton asfalt. Laagste CO₂-voetafdruk, Europese productie.

  • TypeVezelmengsel aramide (Twaron®) + polyolefine
  • Lengte± 19 mm
  • TreksterkteTwaron 3000 MPa · polyolefine 483 MPa
  • Soortelijk gewichtTwaron 1,45 · polyolefine 0,91 g/cm³
TwistR® GREEN HYBRID — BetonvezelsMeest gekozen
KunststofConstructief

TwistR® GREEN HYBRID

TwistR® GREEN HYBRID: constructieve macrovezel van 100% polypropyleen. Vervangt wapeningsstaal in vloeren, verhardingen en prefab, zonder vlechtwerk.

  • TypeHybride: getwist monofilament + fibrillerende netwerkvezel
  • MateriaalPolypropyleen
  • Lengte48 mm
  • Dosering2,0 – 6,0 kg/m³
€ 7,50/ kgMeer informatie

Palletprijs op aanvraag

Vragen over uw project?

Onze technisch adviseurs denken graag met u mee.

Neem contact op